|
Onderwijs - Naschoolse opvang en biologisch ritme
29 juni 2007
Hoe moet dat nou met de opvang na de zomervakantie? De scholen moeten dat regelen maar de wachtlijsten zijn onafzienbaar. Martine Borgdorff en Justine Pardoen analyseren het probleem en bekijken de oplossingen.
Opvang op school vanaf augustus?
Was het maar waar!
door Martine Borgdorff
met nawoord van Justine Pardoen
Afgelopen week kregen we een e-mail van een wanhopige moeder. Ze beschreef hoe de school van haar 8-jarige zoon trots liet weten dat de 600e leerling was verwelkomd, om vervolgens te melden dat het aantal plaatsen voor NSO (naschoolse opvang) in het nieuwe schooljaar 30 stuks bedraagt. Echt waar: 30 hele kindplaatsen op een school van 600 leerlingen.
Die 30 BSO-plekken die de school heeft geregeld, zitten natuurlijk allemaal vol. Opzeggen betekent achteraan aansluiten op de jarenlange wachtlijst en dagen ruilen is er niet bij. De oudste zoon van de schrijfster wacht al twee jaar op een plekje voor de donderdag, maar dat is er domweg niet. Haar dochter kon pas vanaf 3 jaar worden ingeschreven, maar het is zeer de vraag of zij na 'maar' 1 jaar op de wachtlijst bij de start van haar schoolcarrière een plek heeft. Waarschijnlijk niet.
Relatieve verplichting
De schrijfster vroeg zich terecht af wat je als ouders hieraan kunt doen. Hoe zit dat eigenlijk met die verplichting die scholen vanaf het nieuwe schooljaar hebben om kinderopvang aan te bieden? Mag een basisschool zich er zo van af maken?
Het antwoord op die laatste vraag is helaas "ja". Zo mogen ze zich er vanaf maken. De verplichting die scholen vanaf augustus hebben om voor- en naschoolse opvang aan te bieden, is namelijk een relatieve verplichting.
Scholen moeten zich tot het uiterste inspannen om de opvang van de grond te krijgen, maar ze hoeven nog net geen ijzer met handen te breken. De school móet opvang aanbieden, maar dat betekent niet dat ouders per 1 augustus recht hebben op een BSO-plaats voor hun kind. Simpel gezegd: als er geen plaatsen bij te toveren zijn, dan houdt de inspanningsverplichting van de school op.
Behoorlijk frustrerend
Voor veel ouders is het behoorlijk frustrerend, zo'n wet die in de praktijk een tandenloze tijger blijkt. Het klonk zo veelbelovend, in oktober 2005. Toen besloot de Tweede Kamer dat ouders met ingang van 1 augustus 2007 terecht moeten kunnen bij school, voor de opvang van hun kinderen. Nadat de eerste verontwaardiging (over zielige kindertjes die op school worden gedumpt) was geluwd, ging bij een aantal ouders toch het licht schijnen. Bij mij in elk geval wel.
Buitenschoolse opvang die aansluit bij de schooltijden, nee, nog mooier: buitenschoolse opvang op verzoek van ouders die het geëmmer met school-, sport- en opvangtijden zat zijn, dat is toch een flinke sprong voorwaarts!
Het ei van Columbus!
Het klonk veelbelovend: een basisschool waar tussen half-9 en half-4 wordt geleerd, om vervolgens te kunnen schilderen, voetballen, streetdancen, koekjes bakken, en moestuintjes verzorgen.
Ik kreeg blije visioenen van basisscholen die behalve een leeromgeving ook een creatieve, sportieve en sociaal-emotionele springplank zouden blijken te zijn voor al die kinderen die nu dag in, dag uit door vermoeide ouders naar clubjes en verenigingen worden gereden. Opvang op school, het ei van Columbus! Dat papa en mama dan ook een betaalde baan met normale werktijden kunnen onderhouden, leek me mooi meegenomen.
"5 voor 12"
Inmiddels is het "5 voor 12", zoals dat heet. De zomervakantie gaat nu beginnen, en het duurt nog maar anderhalve maand voor kinderopvang op school in heel Nederland de gewoonste zaak van de wereld zal zijn. Of dat lukt? Dacht het niet.
De meeste scholen hebben contact gezocht met de dichtstbijzijnde kinderopvangorganisatie, met het verzoek of zíj dan in vredesnaam voor die opvang willen zorgen. Die leggen vanwege overvolle wachtlijsten een nieuwe basischoolleerlingwachtlijst aan, en that's it. In kleine dorpen waar geen kinderdagverblijf is, hebben de vragende ouders gewoon pech gehad. De school gaat om half 4 gewoon op slot.
Zorgvuldig verborgen
Zelf wacht ik met smart op de plannen die de basisschool van mijn kinderen ongetwijfeld heeft, maar die ze zorgvuldig voor mij verborgen houden. Met mij vele anderen.
Om als ouder iets te ondernemen (kind aanmelden, andere opvang opzeggen, werktijden in het nieuwe schooljaar aanpassen) is het inmiddels al te laat al was het maar omdat de meeste opvang-organisaties een opzegtermijn van 2 maanden kennen, óók voor wijzigingen in dagen of uren.
Ruimtegebrek
Branche-organisaties melden intussen verheugd dat het aantal BSO-plaatsen met gemiddeld 21% groeit. Tegelijk zal een kleine 15% van de kinderen die BSO willen, voorlopig geen plek kunnen bemachtigen.
Ruimtegebrek is het grootste probleem. Blijkbaar is de aanloop van twee jaar tot het ingaan van deze wet nog te kort geweest. En als twee jaar al te kort is om wat palen in de grond te slaan voor nieuwe BSO-gebouwen, dan zal het zeker te kort zijn om de mentaliteit in het gros van de scholen te veranderen.
Creatieve scholen die mogelijkheden zien voor leuke, zinnige dingen binnenshuis, zijn namelijk nog schaarser dan goede plekken op de BSO. De meeste scholen hebben helemaal geen zin in zo'n fremdkörper als buitenschoolse opvang. Die richten zich liever op het onderwijs. En geef ze eens ongelijk.
Andere oplossingen
Inmiddels zoeken ouders en opvang-organisaties de oplossing alweer elders. Zoals:
afstappen van vrije middagen, zodat ook de BSO-plekken op woensdag en vrijdag worden opgevuld;
schooldagen met lange lunchpauzes die rekening houden met het biologisch ritme van kinderen;
méér brede scholen waarin de ontplooiing van kinderen voorop staat.
Er zal vast wel wéér een Kamerlid te vinden zijn die een hippe brede-school-motie door het parlement weet te loodsen. En ook dan zal de uitvoering om te huilen zijn, omdat niemand in Nederland weet hoe dat moet, kinderen samen groot brengen. De bal komt hoe dan ook vanzelf weer voor de voeten van ouders.
Het laat, samen met brandbrieven als die van de moeder in Den Haag, zien hoe lang de weg is die we nog te gaan hebben.
Martine Borgdorff
p/a redactie@ouders.nl
Nawoord over het biologisch ritme
Justine Pardoen
Martine Borgdorff noemde een lange lunchpauze als mogelijke oplossing. Dat zou ook beter recht doen aan het biologisch ritme van kinderen. In grote lijnen komt dat ritme erop neer dat kinderen in de loop van de ochtend en aan het eind van de middag de beste leerprestaties leveren.
Hoe zou een biologisch verantwoorde schooldag er kunnen uitzien? Op ons verzoek maakte psychiater Carla Rus een dagschema, gebaseerd op recent wetenschappelijk onderzoek.
7.30 - 9.00 uur
Wanneer de kinderen bijvoorbeeld om 8.30 's ochtends op school moeten zijn, en de opvang zou bijvoorbeeld vanaf 7.30 's ochtends zijn, dan zou het verstandig zijn de kinderen tot 9.00 uur 's ochtends zoveel mogelijk aan daglicht bloot te stellen. Dus na het kringgesprek of andere startactiviteit eerst een half uur buiten spelen. En als dat niet mogelijk is (bijvoorbeeld vanwege het weer) dan zouden ze in ruimtes moeten zijn met zoveel mogelijk licht (grote ramen), aangevuld met kunstmatig licht (mild, maar wel met een hoge lichtopbrengst).
Zo'n ongestructureerd halfuurtje (onder toezicht) geeft de kinderen ook de mogelijkheid om langzaamaan nog wat wakkerder te worden. Natuurlijk zijn er ook kinderen die rustiger wakker willen worden dan via buiten spelen. Die zouden voor het raam op hun gemak een spelletje met elkaar kunnen doen, of iets lezen of tekenen.
9.00 - 9.30 uur
Als overgang naar 'het echte werk' zou er een gemeenschappelijk ritueel kunnen plaatsvinden. Zo'n ritueel kan de volgende elementen bevatten:
bij voorkeur iets lichamelijks (gymnastische oefeningen, yoga, dans, euritmie, etc.);
eventueel gecombineerd met zingen (wat de doorbloeding van de hersens bevordert!);
gevolgd door een enkel rustig moment, waarbij het kind zich volledig op zichzelf richt (wat de concentratie bevordert), bijvoorbeeld een korte meditatie).
Elke school kan, afhankelijk van de signatuur, natuurlijk zijn eigen ritueel bedenken.
9.30 - 12.00 uur
Van ±9.30 tot ±12.00 kan het gemiddelde kind zich het beste concentreren en is hij het beste in staat om taken te verrichten waar het korte-termijngeheugen voor nodig is (zoals rekenen).
De meeste scholen hebben om 10.00 uur een korte pauze, maar met bij dit voorgestelde schema zouden op dit tijdstip de kinderen juist nét lekker geconcentreerd bezig zijn. De ochtendpauze zou in dit schema dus beter om 10.30 uur kunnen plaatsvinden.
Van 10.45 tot 12.00 uur zouden de kinderen dan de laatste intellectuele ruk tot de middagpauze kunnen nemen.
12.00 - 14.30 uur
Om 12.00 uur lunch. Van 12.00 tot 14.30 uur heeft het gemiddelde kind een intellectuele 'dip'. Zeker wanneer het erg warm weer is, en na de middagmaaltijd (het bloed gaat naar de darmen!), maar ook onafhankelijk van die twee factoren. Dat heeft te maken met de organisatie van onze hersengolven.
Deze periode is dus uitermate geschikt voor de professionele opvang, waarin kinderen zowel de mogelijkheid moeten hebben om zich uit te leven op het schoolplein of op sportvelden, als om zich juist wat terug te trekken met een boekje (of spelletje, etc.) in een hoekje, of desnoods alleen maar zittend wat voor zich uit te staren of een dutje te doen.
Het is natuurlijk heel belangrijk dat de doeners de rusters met rust laten. De school moet voldoende faciliteiten bieden om dit te kunnen garanderen. Anders loopt een brede school op dit punt de kans dat rustige, introverte kinderen ernstig tekort komen.
14.30 - 16.30 uur
Van 14.00 tot ±16.30 zal het gemiddelde kind zich weer redelijk kunnen concentreren. Deze periode leent zich goed voor taken die een beroep doen op het lange-termijngeheugen (zoals topografie).
Een korte pauze tussendoor is natuurlijk ook nodig.
16.30 - 18.00 uur
Na 16.30 zou het kind, als het echt niet anders kan, weer opgevangen kunnen worden door de professionele opvang, onder dezelfde condities als tussen de middag.
Wanneer kinderen echter al vanaf een uur of 8 's ochtends op school zijn, hebben ze waarschijnlijk ook behoefte om gewoon thuis te zijn. De dag kan nu eenmaal het beste verwerkt worden op een andere plek, bij voorkeur in je eigen huis.
Ruimte om te lummelen
Hoe denken andere deskundigen hierover? In Editie NL (28 juni) reageerde de pedagoog Bas Levering nogal negatief op het idee van een verlengde schooldag die aansluit op het biologisch ritme van kinderen. Het zou niet in het belang zijn van de kinderen.
We vroegen hem om een toelichting. Levering is onderzoeker aan de Universiteit Utrecht en lector Algemene Pedagogiek aan Fontys Hogescholen in Tilburg. Hij is ook hoofdredacteur van het vakblad Pedagogiek in Praktijk.
Levering: "Ik ben vooral tegen het verlengen van de schooldag zonder meer. Het moet pas gebeuren als alles echt goed geregeld is. Dat houdt in dat kinderen de ruimte krijgen om die pauze-tijd tussen 12.00 en 14.30 uur zelf in te vullen. Er moet dus ook voldoende ruimte en gelegenheid zijn om te lummelen en de eigen weg te zoeken. Ik ben vooral bang voor het verdwijnen van de eigen vrije tijd voor kinderen. Als alles geprofessionaliseerd wordt, ook de vrije tijd, dan loop je de kans dat het kinderleven over-georganiseerd wordt. En dat is niet in het belang van het kind."
Heel goed. Helemaal mee eens. Maar het probleem blijft natuurlijk wel dat de overheid vrouwen aan het werk wil hebben. Dan zal daar toch wat voor geregeld moeten worden...
Het is dus van het grootste belang dat ouders kwaliteit eisen bij de daginvulling van hun kinderen. In alle opzichten. Dat ze dus niet alleen letten op goed onderwijs, maar ook op voldoende mogelijkheden voor ontspanning en eigen vrije tijd. En dat betekent dus op z'n minst dat we moeten eisen dat onze kinderen de dag doorbrengen in gebouwen die daarvoor geschikt zijn: met voldoende licht, lucht en ruimte.
Justine Pardoen
redactie@ouders.nl
Martine Borgdorff is freelance journalist, moeder van drie jonge kinderen en auteur van Mama moet werken! - Handboek voor werkende moeders.
Justine Pardoen is hoofdredacteur van Ouders Online.
|